Next Prev
 

Menu

Satésaus

Ik heb Indonesische roots en die komen het meest naar voren op het moment dat ik jarig ben of een BBQ aan het houden ben. Dan komt namelijk het eten op tafel, a.k.a. Indonesische heerlijkheden waaronder lumper, saté, soto ajam & pandan cake. Een essentieel onderdeel voor erbij is natuurlijk satésaus. En het valt me op, dat steeds meer mensen aan mij vragen hoe je dit nou zelf maakt. Eigenlijk is heel simpel! En het leuke is dat je oneindig kan variëren als je de basis weet.

Een goede basis is een combinatie van deze ingrediënten:
3 ruime eetlepels pindakaas: creamy, gewoon of met nootjes, het maakt niks uit! Kies gewoon wat je lekker vind!

3 eetlepels ketjap: kies een sterke ketjap voor het beste resultaat zoals het merk kaki tiga of A maar met een dunnere ketjap werkt het ook.

1 eetlepel sambal: Dit is iets persoonlijk. Hou je niet van heet, dan laat je het eruit. Hou je van extra pit? Dan doe je er gewoon nog een lepel bij. Of gewoon nog 1…

1 ruime theelepel uienpoeder

1 ruime theelepel knoflookpoeder

1 kleine theelepel sereh: word ook wel citroengras genoemd. Het geeft frisheid. Mocht je het niet thuis hebben, gebruik citroensap!

1 kleine theelepel vetsin: dit is een smaakversterker. Wees hier niet te gul mee, teveel is niet goed voor je maag!

1 kleine theelepel djahe: word ook wel gember genoemd. Als je erg van gember houd kan je er meer bij in doen.

1 ruime eetlepel suiker

 

Bereiding:
1. Doe de pindakaas in een steelpannetje en voeg te ketjap toe. Roer dit! Je zal merken dat de pindakaas nu nog een beetje “stug” is als je het doorroert. Voeg water toe voor de gewenste dikte(dit is ook weer persoonlijk). Hou er rekening mee dat de saus nog heel iets dunner wordt op het moment dat je hem verwarmd.

2. Als je het eens bent met de dikte van de saus voeg je de andere kruiden toe en als laatst de suiker. Probeer telkens als je iets toevoegt weer even te proeven wat je aan het doen bent! Zo krijg je makkelijker door wanneer er iets mist qua smaak.

3. Warm het voorzichtig op. En blijf erbij want satésaus koekt snel aan. Zodra je het opwarmt zullen de smaken nog beter worden.

 

Variatietips:
– Gebruik melk(gewone melk of kokosmelk) in plaats van water om de saus nog romiger te krijgen.

– Gebruik in plaats van pindakaas eens een andere noten pasta zoals cashew pasta of amandelpasta. Deze kan je krijgen in de biowinkel. Je kan natuurlijk zelf ook een pasta maken van een nootje naar keuze door het gebruik van een keukenmachine of vijzel.

-Een andere soort suiker heeft meteen invloed op de smaak. Wil je meer een Javaanse satésaus? Gebruik dan gula djawa, dit is donkere palmsuiker, je kan het krijgen in de toko.

– Heb je meer tijd te besteden gebruik dan verse ingrediënten ipv droge kruiden. snipper bijvoorbeeld een klein sjalotje en een teentje knoflook. Gebruik vers geraspte gember en “kook” een stengel sereh mee(die moet je er later wel weer uit halen). De volgorde van het maken van de saus wordt dan wel anders. Je moet namelijk eerst de verse ingrediënten zachtjes aan fruiten. Vervolgens doe je alles beschreven bij stap 1.

– Sambal kan vervangen worden naar een gesnipperd pepertje naar keuze: zoals spaanse pepers, lombok, madame jeanette of rawit.

 

Ik heb nu een basis gegeven. Maar bij het maken van zoiets is er eigenlijk geen goed of fout. Er zijn namelijk 100 duizend verschillende manieren en het is voornamelijk gewoon afhankelijk van persoonlijke smaak.