Next Prev
 

Menu

Istanbul

Reizen is fantastisch! Maar het is al helemaal leuk als het je naar plekken brengt waar je in eerste instantie niet meteen aan zou denken. Istanbul was zo’n plek voor mij. Gezien de huidige politieke situatie twijfelde ik in eerste instantie of ik daar wel een ticket voor moest boeken. Toch deed ik het… En geen seconde spijt hier, want WOW, Wat. Een. Stad!

Ik kom het land binnen via het Aziatische gedeelte. Op Sabiha Gökçen meet ik de Fransman die vanuit Frankrijk zijn overtocht heeft gemaakt. De reden dat we er zijn is omdat hij op zaterdag een DJ gig heeft staan. Op het vliegveld worden we opgepikt door de promotors van het feestje die ons na een wilde rit op de snelweg naar het centrum brengen. Ondanks dat het al avond is, is het verkeer super epic, je voelt meteen dat je in een gigantische stad bent beland.

We maken meteen kennis met een stukje Turkse cultuur. De promotors brengen ons naar een restaurant waar men alleen Iskender serveert. Iskender is een Turks kebab gerecht met tomatensaus, boter en yoghurt. Het is vet as fuck, maar wel erg lekker. Je drinkt het samen met Sira een soort druivensap. Deze plek, dit restaurant, is van de originele ‘uitvinder’ van Iskender en dat was ook te merken. Het hoofd van de godfather van Iskender stond overal afgebeeld. Als ik zeg overal bedoel ik overal, op het vorkje waarmee je at, de glazen, de borden, het suikerklontzakje en ofcourse hing hij overal aan de muur. Iskender branding on fleek!

Na het eten is het tijd om de stad nog verder in te gaan richting Taksim square, dit is echt het epicentrum van Istanbul, inclusief crazy verkeer. Vanaf daar loop je de grootste winkelstraat van de stad in, Istikal. Hier bruist het, de winkels zijn nog open en overal mensen, de hele straat is een soort grote mensensoep. Hier voel ik echt dat ik ergens anders ben, dit voelt niet meer als Europa. De geluiden zijn anders, de geur, de sfeer. In de zijstraten vind je allemaal kleine barretjes en restaurants, het is er rumoerig as hell, maar het heeft zijn charmes. Mensen doen buiten lekker hun drankje, de sfeer is intiem en warm. We slapen absoluut comfortabel, maar wel met oordopjes!

De volgende dag heb ik in het oude centrum van de stad flink mijn kuiten getraind, de straten zijn enorm glooiend. Hier vind je veel muziekwinkels, stoffenzaken en andere leuke boetiekjes. Overal is vers fruit te vinden, met name granaatappels die in een wilde kleurencompositie op de kraam gestald zijn. Als je hier doorloopt kom je uit bij de Galata brug. Aan de andere kant van de rivier vind je een grote markt. Ze verkopen hier van alles! Het eten, de kruiden & specerijen, de baklava, de thee en de stoffen maken deze markt een ware scène uit Aladdin!

De gig was in Pixie, dit is de enige Bass club in Turkije. Het is tof om te zien dat er een kleine groep mensen is die dit genre pushen en ruchtbaarheid geven. Dat bass niet groot is komt omdat er bijna geen platenwinkels zijn die elektronische genres verkopen. In de venue kom ik aan de praat met wat mensen. Al snel gaat het over de politiek, dat zij zich zorgen maken, bang zijn voor aanslagen en er niet achter de huidige ontwikkelingen staan. Veel grote clubs rondom Istikal zijn weggetrokken door dreigingen van IS. En door de komst van Syriërs zie je steeds meer Shisha bars in de straten. Ik beproef wat machteloosheid, democratie is niet een levend concept hier. Dat maakt me dankbaar dat we in Nederland als volk nog steeds het verschil kunnen maken. Wij hebben een keuze, zij worden iets opgedrongen.

Op zondagochtend gaan we na een korte nacht weer naar het vliegveld. Terwijl we met onze koffers naar een transferpunt lopen laten we een relatief rustige versie van Istikal achter ons. In de bus eet ik mijn laatste stukken baklava en geniet ik nog even van het uitzicht. Dit was op alle fronten een bijzondere ervaring, wat een ontzettend contrast met het stille Enschede.